Back to your last page    Boschlogie Restauratie St-Jan Uw reactie per email Ike's Web Startpagina This page in new window

Een gebed zonder eind
Door Wim Hagemans
Brabants Dagblad zaterdag 16 december 2000


De Bossche Sint-Jan heeft vanaf 1859 voortdurend in de steigers gestaan. Een nieuwe restauratie kost de kerk 70 miljoen gulden. Het herstel van de kathedraal is een gebed zonder eind.

Kerken van een omvang, monumentaliteit en gecompliceerdheid als de Sint-Jan zijn buitengewoon onderhoudsgevoelig en verkeren dan ook in een vrijwel continu proces van onderhoud en restauratie." Prof. A. Asselbergs, directeur van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg, bracht het deze week als een vanzelfsprekendheid. En hij voegde daar nog aan toe: "Het is eigenlijk naïef te denken dat het ooit af zou zijn. Middeleeuwse Godshuizen hebben altijd een kerkfabriek en een atelier nodig gehad." Toch schrikt de goegemeente zich telkens een hoedje als opnieuw een grote, miljoenen verslindende restauratie voor de deur staat. Ook nu weer, 70 miljoen, terwijl nog maar 15 jaar geleden een opknapbeurt van 40 miljoen werd afgesloten.

Tweede beurt

De restauratiegeschiedenis van de Sint-Jan is, sinds 1859, een gebed zonder eind. In dat jaar begon de eerste grote restauratie, die tot 1946 zou duren. De tweede grote herstelbeurt was van 1961 tot 1985. Maar ook tussen 1946 en 1961, en na 1985, is volop aan de kerk gewerkt. Dan heette het onderhoud of klein restauratiewerk. De 70 miljoen kostende derde grote restauratie van de Sint-Jan, die in 2010 klaar moet zijn, komt dus na bijna 150 jaar onafgebroken werken aan de kathedraal. Tot nu toe was restauratie steeds nodig na achterstallig onderhoud. Een goed, dus ook kostbaar onderhoudsplan moet ervoor zorgen dat de eerste 50 jaar niet opnieuw achterstand ontstaat die een echte restauratie noodzakelijk maakt. "Op dit moment hebben we een onderhoudsplan van ongeveer een miljoen gulden per jaar voor het gedeelte van de kerk dat we nu niet gaan restaureren", zegt architect Frans Sturm. "Als we over tien jaar klaar zijn, zal er misschien 2 miljoen per jaar nodig zijn om de hele kerk te onderhouden. Maar dan hoef je in principe de eerste 50 jaar daarna niet meer te restaureren."

Pausbezoek

Sturm wrijft, staande op de steigers, over het hoofd van een van de tufstenen wildenmannen aan het noordertransept. "Toen het pausbezoek er in 1985 aan kwam, dachten ze dat de restauratie klaar was, dat de kerk er wel even tegen kon. Maar ze hebben zich vergist. Je ziet het, het is gewoon niks meer, het komt er allemaal van af." De tufsteen verpulvert tussen zijn vingers. Vanaf de steiger, als je er met je neus bovenop staat, zie je pas hoe erg het is. En zo is het overal, van het noordertransept in oostelijke richting om de kerk heen tot aan het zuidertransept. Bijna alle tufsteen moet de komende tien jaar worden vervangen. Maar wat erg is, dat is natuurlijk betrekkelijk. "Dat we het nu zo grondig aanpakken, komt ook doordat we andere eisen zijn gaan stellen aan monumenten. Vroeger zág men niet eens hoe slecht de beelden er bij stonden, en deed men er niks aan. Die kerk zou er vijftig jaar later toch nog wel staan. Maar de normen zijn de laatste decennia flink opgeschroefd."

Verhaal apart

De noord- en de westgevel van het noordertransept, nu nog niet in de steigers, is een een ander verhaal. Met behulp van metaaldetectoren is de aanwezigheid van duizenden ijzeren krammen vastgesteld, die allemaal een verwoestend effect hebben op de bekleding van (vooral) zandsteen. Het roestende ijzer drukt de op zichzelf gave zandstenen delen uit elkaar, maar, en dat is veel erger, ook de achterliggende baksteen. De bekleding gaat nu steen voor steen van de kerk af. Er komen nieuwe roestvrije ankers, en natuursteen wordt weer teruggeplaatst. Noord- en westkant van het noordertransept kosten alleen al 20 miljoen gulden. Als er niets zou gebeuren, zouden de roestende krammen ook de bakstenen constructie van de kerk ernstige schade toebrengen.

Over de restauratie van de Sint-Jan is bij boekhandel Adr. Heinen een nieuw boekje verkrijgbaar, uitgegeven door het kerkbestuur. Prijs f. 17,50.
Last update 04-07-2001 by Iek de Pagter.